Pagina's

Posts tonen met het label F. Islam. Alle posts tonen
Posts tonen met het label F. Islam. Alle posts tonen

4.7.11

Islam - les 1

Les 1

Personen in de Islam

Voor de leerkracht: achtergrondinformatie

‘Islam’ betekent letterlijk onderwerpen of mooier gezegd, overgave aan God – je leven stel je in zijn dienst. In de Islam zijn hierin veel lijnen te trekken met het Jodendom en het Christendom. De profeten die in de Islam voorkomen, zijn veelal dezelfde als in de TeNaCH en in de Bijbel.
Zo is Musa: Mozes, Isa: Jezus, enzovoorts.

Het is goed om dit in het achterhoofd te houden: we geloven in wezen in dezelfde God, waarbij de Koran ook Adam kent als eerste mens, andere personen in het Oude Testament en de verhalen onderstreept. Het voornaamste verschil met het Christendom is dat de Islam niet erkent dat Isa (Jezus) de Zoon van God is. Het is echter wel een belangrijke profeet, net als andere profeten dit zijn. Het is goed als kinderen weten dat ook de moslims respect en eerbied hebben voor Isa (Jezus).

(Christenen volgens de Islam, geen datum).

God wordt in de Islam met ‘Allah’ vertaald. Zijn kenmerken zijn (onder andere!): Enige, Genadig, Schepper en Barmhartig. Hij is Degene die oordeel velt over de mensheid.
(Dr. Umar Faruq Abd-Allah, 2004; Allah.org, geen datum; KoranOnline.nl, geen datum).

Allah is het Arabische woord voor God. Het woord komt voor in de Koran en is daarom het middelpunt en fundament van het Islamitische geloof, maar wordt ook gebruikt door Joodse en christelijke minderheden in Arabisch-sprekende landen.

Mohammed, de profeet van de Islam die de Islam verspreidde, leefde zo’n 1400 jaar geleden.
In Mekka, Saudi-Arabië (de belangrijke stad in de Islam) kreeg Mohammed een boodschap van een engel namens God: er is maar één God, en dat is Allah.

Voor de kinderen:

De vorige twee lessen worden kort herhaald: Wat weten we nog over de God van de Christenen, was dit dezelfde als voor de Joden?

Brief van Soelaiman (5 min).
De leerkracht leest een brief voor:

‘Hoi, mijn naam is Soelaiman, en ik ben moslim. De Islam is mijn godsdienst. Mijn God noemen wij ‘Allah’. Dat betekent gewoon God, in het Arabisch.
Allah is vol genade, is barmhartig (dat woord kennen jullie wel van ‘barmhartige Samaritaan’), liefdevol en de enige God. Hij is de schepper van deze wereld.

De Islam is een godsdienst die in Saudi-Arabië is ontstaan. In het Midden-Oosten dus. Mijn godsdienst zie je vooral daar terug, maar in alle landen op de wereld wonen wel moslims, zoals ik.
Mijn naam, Soelaiman, kun je ook wel vertalen als Salomo. Salomo ken je misschien van de verhalen uit de Bijbel. In de Koran, ons heilige boek, komt hij ook voor. Wel meer profeten trouwens! Straks krijg je een opdracht, eens kijken of je kunt ontdekken hoe de profeten uit de Koran in het Nederlands genoemd worden. Misschien herken je er wel een paar direct al!

In ons geloof is Mohammed de belangrijkste profeet. Die komt niet voor in andere godsdiensten! Mohammed heeft ongeveer 1.400 jaar geleden geleefd, rond het jaar 600 dus. Hij kwam dus na Christus. De Islam is daarom iets later ontstaan. Nou ja, wij geloven ook in God als schepper, de eerste mens Adam en een heleboel van dezelfde profeten, maar Mohammed is bij ons erg belangrijk. Hij hoorde dat Allah de enige God was. Wij geloven wel dat Jezus (Hij heet bij ons Isa) bestaan heeft en belangrijk was, maar niet dat Hij ook Gods Zoon was. Het lijkt dus wel veel op elkaar, maar het is toch wel anders! Wij doen ook weer andere dingen en hebben andere gebruiken.

Volgende keer schrijf ik weer iets over mijn geloof voor jullie op. Groetjes! Soelaiman.’



Filmpje: (1 min).

Dit filmpje gaat over Mohammed.

Klik hier voor het filmpje
We gaan nu een filmpje kijken over Mohammed. Soelaiman schreef ons al iets over Mohammed. In dit filmpje wordt over hem verteld.

Letterlijke tekst uit de clip:
Hét grote voorbeeld voor de moslims is de profeet Mohammed. Een profeet is een soort leraar. Mohammed woonde ongeveer 1400 jaar geleden in Mekka, in Saudi-Arabië. Daar geloofden de mensen in die tijd in heel veel verschillende Goden. Maar Mohammed kreeg op de berg Hira, vlak buiten Mekka, de boodschap van een engel dat er maar één God was: Allah. Die Boodschap moest hij van de engel doorgeven aan alle mensen in Mekka. Mohammed deed dat en vanaf die tijd gingen er steeds meer mensen in Allah geloven.

Om over te praten (10 min).
Vragen om over te praten naar aanleiding van de brief van Soelaiman en het filmpje:
• Wie is God in de Islam?
• Wie is Mohammed?
• Waarin lijkt de Islam op het geloof van de Joden en Christenen?
• Waarin zit het verschil?



Namen uit de Koran (10 min. incl. bespreken).

Soelaiman had het in zijn brief over namen van profeten in de Koran. Eens kijken of wij ze in het Nederlands kunnen vertalen!


Noeh                      Yoesoef
Ibrahim                  Loeth
Isa                         Ya’qoeb
Musa                     Ayyoeb
Meryem                Dawud

Bespreken van de antwoorden:
Antwoorden:
Noeh – Noach; Ibrahim – Abraham; Isa – Jezus; Musa – Mozes; Meryem- Maria; Yoesoef – Jozef; Loeth; Lot; Ya’qoeb – Jakob; Ayyoeb – Job; Dawud – David.

De leerkracht kan bij deze personen vragen of de kinderen weten wat voor verhaal hier bij hoort. Dit hoeft niet bij elke persoon.

Islam - les 2

Les 2
Richtlijnen in de Koran: Vijf pijlers.


Voor de leerkracht: achtergrondinformatie.

De vijf pijlers in de Islam zijn:

1 De geloofsbelijdenis (Shahadah)
2 De rituele gebeden (Namaz, Salat of Salah)
3 Het geven van aalmoezen (Armenbelasting, zakaat of Zakah)
4 Het vasten tijdens Ramadan
5 De pelgrimstocht naar Mekka (Hadj)
(De Vijf pijlers van de Islam, geen datum).

Deze vijf pijlers worden ook wel de vijf zuilen genoemd.
Naast deze vijf pijlers (zuilen) staan er in de Islamitische geschriften meer zaken voor gelovigen, als richtlijnen voor hun leven.

De Koran bestaat uit Soera’s (verzen), en er is ook een Hadith: geschriften die gaan over de manier van leven – de weg ten leven (soenna).
Aan de Koran wordt goddelijke openbaring toegekend door de moslims, aan de soenna (Hadith) niet: dit is mensenwerk (maar wel in lijn van de bedoeling van de Profeet).




Voor de kinderen: les 2.

Start en kern: Filmpje en vragen (10 min).

Dit filmpje gaat over de vijf zuilen:
Vertel de kinderen dat we zullen kijken naar een filmpje over de belangrijkste dingen die je als Moslimgelovige moet doen.

Klik hier voor het filmpje


Vragen naar aanleiding van het filmpje:

• Welke leefregels zijn belangrijk voor de moslims?
• Welke leefregels vind jij daarvan ook erg belangrijk om zelf te doen?
• Wat kun je hier van leren?
• Wat voor regels heb je bij de Joden en Christenen? En hoe heten de regels bij de Moslims? (Tien geboden, Vijf zuilen).

Afsluiting: Brief van Soelaiman (5 min).

Hoi! Weer een brief van mij, Soelaiman. Jullie hebben net een filmpje gezien over de vijf zuilen. Nu weten jullie wat de belangrijkste regels zijn in mijn geloof.
Daarnaast kennen jullie vast nog wel andere gebruiken in ons geloof?
Ik noem een bekend voorbeeld: vrouwen dragen vaak bij ons een hoofddoek. Hiermee willen ze laten zien dat ze geloven en dat ze de schoonheid (hun haren) alleen willen laten zien aan hun echtgenoot. Niet iedereen doet dit op dezelfde manier, misschien weet je dat ook wel uit jouw omgeving. Niet elk meisje of elke vrouw draagt een hoofddoek.

Er zijn ook best grappige richtlijnen in ons geloof: bijvoorbeeld dat je met je rechtervoet de deur uit stapt en je daarbij de soenna herinnert. De soenna is de manier van leven. Als je dus je deur uit stapt, denk je aan dat je moslim bent en dat kun je op die manier laten zien.
Zo zijn er best wat gebruiken in de Islam. Maar de belangrijkste zijn die vijf zuilen, daar is elke moslim het mee eens!

Ik ben zelf nog te jong om alles goed te doen, maar ik probeer al wel goed mee te doen met de regels. Het is fijn om samen Ramadan te beleven, we kunnen dan elkaar tot steun zijn als we niet eten (vasten). Aan het eind kunnen we een groot feest vieren, het Suikerfeest. Maar het belangrijkst is dat ik Allah eer met wat ik doe, want Hij is belangrijk in mijn leven.
We gaan ook naar de moskee, daar krijg ik weleens les. Eigenlijk een soort schooldag. Maar dan geen rekenen of biologie. Wel iets met taal: het Arabisch. Zo kan ik leren om de Koran in het Arabisch te lezen en preken in het Arabisch te luisteren. Thuis spreken we het af en toe, maar niet altijd.

Nu weet je weer een beetje meer over de moslims en de regels die hierbij horen.
De volgende keer gaat het over een van de vijf zuilen: de zakaat. Dit is goed zijn voor mensen die het niet zo goed hebben als jij zelf. Eigenlijk een soort ‘naastenliefde’ dus!

Groetjes, Soelaiman.

Islam - les 3

Les 3

Voor de leerkracht

Zakaat, een van de vijf pijlers in de Islam

Voor wie is de zakaat (aalmoezen geven) bedoeld? Hieronder volgen drie verzen over aalmoezen geven.

‘Voorwaar, de zakaat is slechts voor de armen en de behoeftigen en de werkenden (aan de inzameling ervan) en de Mu`allaf en voor (het vrijkopen) van de slaven, en de schuldenaren en om (uit te geven) op de Weg van Allah en voor de reiziger (zonder proviand), als een plicht tegenover Allah. En Allah is Alwetend, Alwijs.’
(Q.9:60)

‘Neem van de bezittingen de zakaat, jij reinigt en zuivert hen daarmee (O Muhammed), en verricht een smeekbede, want jouw smeekbede is een geruststelling voor hen. En Allah is Alhorend, Alwetend. En weten zij dan niet dat het Allah is Die het berouw aanvaardt van Zijn dienaren en Die de zakaat aanvaardt en dat Allah de Vergevensgezinde, de Meest Barmhartige is?’
(Q. 9:103-4)

‘O jullie die geloven! Maak jullie liefdadigheid niet ongeldig door op te scheppen of door te kwetsen, zoals degene die van zijn eigendom geeft om op te vallen bij de mensen...’ (S2/V264)

(De Vijf pijlers van de Islam, geen datum).

Moslims geven aalmoezen aan mensen die behoeftig zijn. Dit kan breed getrokken worden.
De zakaat is een vorm van naastenliefde voor de moslims die iedereen hoort te doen, maar daarnaast wordt van moslims verlangd dat zij in hun dagelijks leven goed zijn voor anderen op allerlei manieren.

Bij deze les heeft u A3/A2 papier nodig (zie les).

Voor de kinderen


De Zakaat (20 min).

De zakaat. Dit is een van de vijf zuilen.
  • Wie weet nog welke zuilen er waren?
  • Wat was de zakaat? Een tip: het had te maken met goed zijn voor een ander (naastenliefde).

Een daad van zakaat kun je het wel noemen, als je iets goeds voor een ander doet. Het heeft niet altijd met aalmoezen te maken, het is niet altijd geld geven.
We verzamelen voorbeelden en maken een grote poster over de zakaat:

Materiaal: A3 of A2 papier per groepje.
Groepjes: We verdelen de klas in groepjes van 4 kinderen.

In deze groepjes schrijft één kind op het vel: ‘Een daad van zakaat’.

Met z’n vieren bedenken we zoveel mogelijk daden die je voor anderen kunt doen.
Bij alles wat je opschrijft, probeer je ook iets ervan te tekenen.

Daarna bespreken we het: wat kunnen we hiervan leren?

Afsluiting: brief van Soelaiman en afspraken maken (5 – 10 min).

Hoi! Dit is mijn laatste brief aan jullie.
Jullie hebben daden bedacht hoe je een van de zuilen, de ‘zakaat’ kunt DOEN in je eigen omgeving. Ik wil jullie graag aansporen om thuis en in de klas hier mee te beginnen. Het is goed om naar elkaar om te kijken. Maak met elkaar afspraken over hoe je met elkaar om wilt gaan in de klas. Hang deze op in de klas! Zo kijk je naar elkaar om en zorg je voor elkaar.
Wij wensen elkaar in mijn godsdienst altijd ‘vrede’ toe. Ik zal hiermee afsluiten in mijn brief: Salaam Aleikum! (Vrede van God zij met jullie). Groetjes, Soelaiman.


Na deze brief volgen we de aansporing van Soelaiman op:

Klassikaal maken we afspraken over hoe we met elkaar om willen gaan. Dit kan naast de reeds gemaakte of ingestelde afspraken van de school komen te hangen. Probeer kernelementen te ontdekken en diepgang hierin aan te brengen.
Het is goed als er tussen de 5 – 8 afspraken gemaakt kunnen worden.

Dit wordt opgehangen naast de klassenregels. Dit noemen we ‘omgaan met elkaar’ of ‘naastenliefde-regels’.